The Royal Rat Conference


Rotterdam, 17-02-2020

Beste lezer,

Dit is een eerste globale beschrijving van het project ‘Royal Rat Conference’, een vervolg op het Rattenparadijs (2017-2018) met de bedoeling de rat als onderzoeksobject voor stedelijke ontwikkeling te introduceren in een wetenschappelijke en populaire context.

De komende tijd werken we dit concept verder uit om te komen tot een solide projectomschrijving inclusief begroting. Het spreekt voor zich, dat deze tekst voorlopig en incompleet is. Het is voor intern gebruik om de productie handen en voeten te geven. Suggesties, kritiek zijn te allen tijde welkom.

Met vriendelijke groet,

Rini Biemans

rini@antennerotterdam.nl

www.stadsgeneeskunde.nl

www.rattenparadijs.nl

The Royal Rat Conference

Basisdocument

Waarom doen we dit?

Met Creatief Beheer trachten we een nieuwe weg te ontsluiten in de wijkontwikkeling. We noemen dit stadsgeneeskunde. Het is een methode waarbij de gemeenschap zichzelf geneest, vandaar de naam. Dit gebeurt middels een transitie van het dagelijks onderhoud van een kostenpost naar een investeringsmodel in groene, gezonde en gezellige wijken.

De huidige ontwikkelingsstrategieën gebruiken het frame ‘problemen en oplossingen’ en veelal zijn dit lineaire processen: als we dit doen, dan gebeurt dat. Een wijkgemeenschap is een zeer complex systeem en lineaire strategieën, waarbij ‘problemen’ worden ‘opgelost’, blijken helaas keer op keer niet te doen wat ze beloven. De stadsgeneeskunde-strategie stuurt aan op ontwikkeling en groei van de gehele gemeenschap en problemen oplossen is een onderdeel van dit proces. Als je achterstandsproblematiek, zoals armoede en eenzaamheid in de grote stad als een ‘probleem’ ziet en niet als een ontwikkeling van de gehele gemeenschap en stad, is dit nooit duurzaam op te lossen.

Oplossingen komen pas als je met het ‘probleem’ en de mensen, die het aangaat, praat, want zo leer je het probleem en de mogelijkheden tot oplossing kennen. Het dagelijks onderhoud is hiervoor het meest aangewezen domein. Hier komt alles en iedereen samen.

Groenonderhoud heeft vooralsnog een laag aanzien, terwijl tuinieren daarentegen als ontspannend en gezond wordt gezien. Dit ontspannen en gezonde werk kun je ook aanbieden in de wijken, met een kleine en overzichtelijke systeemwijziging aan de basis. Hierbij wordt een nieuwe vakman ingezet: de Tuinman(m/v), die samen met bewoners en vrijwilligers de wijk schoon en groen houdt op een ecologische en sociale wijze. Er zijn twee soorten schoon: grijs schoon de stoep die steeds vies wordt en die je steeds schoon maakt. En groen schoon, dat is precies omgekeerd, dat maakt vieze bladeren weer tot compost en bij de juiste beplanting, zuivert het de lucht, absorbeert water. Deze laatste kwaliteit is belangrijk voor alle andere ambities in een stad. Er wordt plotseling veel meer mogelijk.

Dat is wat we nu structureel samen met de gemeente ontwikkelen in de zogenaamde stadsgeneeskunde-trajecten, die we middels het Right to Challenge in de praktijk vormgeven. De meeste mensen zijn van goede wil en in moeilijke omstandigheden leer je elkaar beter kennen en waarderen. Ik heb in de twintig jaar dat we in de zogenaamde achterstandwijken werken veel bewondering gekregen voor de veerkracht van mensen. Ik ben er inmiddels heilig van overtuigd, dat als we problemen op een andere manier benaderen (niet als problemen maar onderdeel van een proces) deze veel makkelijker zijn op te lossen en zelfs nieuwe en kansrijke wegen openen.

De ‘onderkant’ en de ‘ratten’ houden ons als het ware een spiegel voor, waar we onszelf op een nieuwe manier kunnen leren kennen. Ik heb een lichte weerzin tegen de institutionele kunstwereld alsmede de dichtgetimmerde academische wereld. In die zin dat ik er niet zou kunnen werken, maar ik heb grote bewondering voor het vakmanschap en de drijfveren van wetenschappers en kunstenaars. The Royal Rat Conference wil het beste van deze twee werelden (theorie en praktijk) samenbrengen.

Hoe kan de rat ons helpen?

Een van de grootste obstakels met betrekking tot ‘achterstandsproblematiek’ is een achterhaalde en verkeerde beeldvorming rond volksgezondheid, stadsnatuur en rattenoverlast. Deze beeldvorming staat een juiste analyse en simpele, effectieve oplossingen in de weg. Dit zijn overigens vooroordelen die we allemaal hebben zolang we ‘iets’ (een probleem) niet goed kennen.

Tijdens ons werk in de wijken worden we hier keer op keer mee geconfronteerd: mensen die de wijk niet kennen, overdrijven het gevaar en het ‘problematische’; ditzelfde geldt voor de perceptie van ratten: ‘Bah wat vies, dus daar laat ik mijn kinderen niet spelen, want er zitten ratten’. Het feit is dat ratten tegenwoordig nauwelijks nog gevaarlijk zijn voor de volksgezondheid en dat stadsnatuur en buitenspelen juist supergezond zijn. Juist door het toevoegen en goed onderhouden van stadsnatuur wordt het voor de rat een stuk lastiger en voor de kinderen een stuk leuker. De onredelijke ‘angst voor de rat’ is tegenwoordig dus een veel grotere bedreiging voor het gezond opgroeien van kinderen in een groene en gezonde omgeving dan de rat zelf.

De rat staat voor alles wat we van oudsher vies en bedreigend vonden: ‘wilde natuur’, viezigheid, spinnen, wormen en zo voort. We zijn bang voor viezigheid, maar we verontreinigen onze omgeving met veel gevaarlijkere stoffen, die niet vies maar wel schadelijk voor ons zijn. Doorgeschoten hygiëne en antibioticagebruik maken ons juist extra kwetsbaar voor infecties. In een bos vind je geen antibiotica-resistente bacteriën. Dit is in het kort onze verknipte relatie met onze eigen natuur; we behoren er nota bene zelf toe.

We eten vlees, maar durven geen dier te doden. We vervuilen de aarde met plastic, maar modder vinden we vies. We hebben smetvrees, spinnen- en rattenfobie. We schrobben onze huid en verwijderen daarmee onze natuurlijke beschermlaag. We houden onze kinderen weg van die ‘vieze natuur’ en bezorgen ze allergieën en overgewicht. We zijn zoogdieren en zijn gemaakt om in de ‘vieze biologische natuur’ te overleven, maar dan moeten we die wel vroeg leren kennen: ons bewegingsapparaat, ons immuunsysteem, onze ogen, oren en reuk allemaal hebben ze ‘oefening’ nodig. En wat doen wij? We stoppen baby’s in een kinderkamer, box, buggy, houden ze zo schoon mogelijk. We ontzeggen ze hun beste leer- en heelmeester: moeder natuur.

Als arts ergert het me dat we ons focussen op kleine risico’s en de grote risico’s van ons moderne leven compleet negeren. Hoe deze ontwikkeling te keren?